U bevindt zich hier: Wanneer thuisblijven (COVID-19)?

Wanneer thuisblijven (COVID-19)?

Laatste update: 05-02-2021 om 21.46 uur

De school past de RIVM-adviezen en richtlijnen die gelden voor het onderwijs toe. Daarop maken we één uitzondering. Zolang het nieuwe advies van het OMT t.a.v. het zgn. snottebellenbeleid er nog niet is blijven leerlingen die verkouden zijn thuis.

Kinderen tot en met de basisschoolleeftijd mogen naar de basisschool,

  • als ze af en toe (incidenteel) hoesten;
  • met astma of hooikoorts zonder koorts of benauwdheid.

Zij moeten thuisblijven als:

  • het kind verkoudheidsklachten heeft zoals loopneus, neusverkoudheid, niezen en keelpijn;
  • het kind naast verkoudheidsklachten ook koorts heeft en/of benauwd is en/of (meer dan incidenteel) hoest;
  • als zij getest gaan worden en/of in afwachting zijn van het testresultaat;
  • het kind een contact is van een patiënt met een bevestigde COVID-19 infectie;
  • het kind bij iemand in huis woont die, naast milde klachten die passen bij COVID-19, ook koorts heeft en/of benauwd is. Dan geldt: iedereen in het huis blijft thuis totdat die persoon een negatieve testuitslag heeft;
  • het kind een huisgenoot is van iemand met een bevestigde COVID-19 infectie. Het kind blijft thuis gedurende de quarantaineperiode. Als het kind geen klachten ontwikkelt tijdens deze periode mag het kind daarna weer naar school.

Testen van kinderen jonger dan 12 jaar wordt dringend geadviseerd als:

  • de klachten niet (alleen) bestaan uit verkoudheidsklachten (bijv. als er ook sprake is van hoesten, koorts en/of benauwdheid), of anderszins ernstig ziek is;
  • er een indicatie is in het kader van een bron- en contactonderzoek;
  • het kind deel uitmaakt van een uitbraakonderzoek.

Kinderen die getest worden, blijven thuis totdat de uitslag bekend is.

  • Wanneer een leerling positief getest is op corona moet hij/zij ten minste 7 dagen thuis in isolatie blijven en uitzieken. De leerling mag pas weer naar school en de opvang als hij/zij na deze 7 dagen ook 24 uur geen klachten meer heeft;
  • Als iemand in het huishouden van de leerling naast milde COVID-19 klachten ook koorts boven 38 °C en/of benauwdheidsklachten heeft, blijft de leerling ook thuis in quarantaine (behalve als het gaat om een klein kind t/m 6 jaar, dan hoeft alleen het kind zelf thuis te blijven). Deze huisgenoot zal zich moeten laten testen. In afwachting van de uitslag blijft de leerling thuis;
  • Als iemand in het huishouden van de leerling getest is voor COVID-19 en een positieve uitslag heeft, dan blijft de leerling tot 5 dagen vanaf de testafname thuis in quarantaine. Indien de huisgenoot dan nog geen klachten heeft ontwikkeld, mag de leerling 5 dagen na de testafname weer naar school. Krijgt de huisgenoot wel klachten dan blijft de leerling 10 dagen na het laatste nauwe contact met deze persoon thuis. Vanaf dag 5 van de quarantaine kan de leerling getest worden en bij een negatieve test mag hij uit quarantaine.;
  • Als de leerling geen 1,5 meter afstand houdt, moet hij/zij thuisblijven tot 10 dagen nadat de bevestigde patiënt/huisgenoot weer uit isolatie mag. De GGD licht dit toe.

Specifiek zijn de volgende maatregelen van kracht:

  • Iedereen met één of meer van eerder genoemde klachten kan zich laten testen;
  • Leerlingen die behoren tot een risicogroep kunnen worden vrijgesteld van fysiek onderwijs (beslissing van ouder(s)/verzorger(s) in overleg met de school en de behandelend arts);
  • Leerlingen van wie gezinsleden tot een risicogroep behoren kunnen worden vrijgesteld van fysiek onderwijs (beslissing van ouder(s)/verzorger(s) in overleg met de school en de behandelend arts).